Gastroscopie

Bij een gastroscopie onderzoekt de arts de binnenkant van de slokdarm, de maag en het eerste deel van de dunne darm (duodenum) en spoort hij onregelmatigheden op. De arts maakt hierbij gebruik van een gastroscoop (een dunne flexibele buis met een camera die ongeveer de doorsnede heeft van een vinger) die via de keel wordt binnengebracht. Het is mogelijk dat de arts kleine stukjes weefsel wegneemt voor nader onderzoek.

Voor het onderzoek

  • Breng uw arts op de hoogte van uw medicatiegebruik. Bepaalde types van medicatie moeten gestopt worden voor het onderzoek.
  • Het onderzoek kan alleen goed uitgevoerd worden wanneer uw slokdarm en maag volledig leeg zijn. Daarom mag u de avond voor het onderzoek na 22 uur niets meer eten of drinken tot na het onderzoek.

Het onderzoek

Tijdens het onderzoek ligt u op uw linkerzij. Het onderzoek duurt gemiddeld 5 minuten. Een gastroscopie kan als onaangenaam ervaren worden maar is pijnloos. Tijdens het onderzoek wordt u verdoofd. Er zijn 3 mogelijkheden:

  1. Lokale verdoving
    U krijgt een licht verdovende keelspray toegediend.
     
  2. Lichte sedatie
    Via een infuus krijgt u een kalmerend geneesmiddel dat ervoor zorgt dat u zich meer ontspannen voelt. Het effect ervan verschilt van persoon tot persoon. Sommige patiënten vallen in slaap, terwijl anderen alleen wat versuft zijn. U bent wel nog in staat om aanwijzingen van de arts op te volgen.   
     
  3. Diepere sedatie
    U kan ook kiezen voor een diepere sedatie. Dit moet u op voorhand bespreken met uw arts. Bij diepere sedatie bent u volledig in slaap en merkt u niets van het onderzoek. Voorafgaand is een consultatie met een anesthesioloog noodzakelijk.

Na het onderzoek

De arts bespreekt met u het resultaat van uw onderzoek en geeft toelating voor ontslag uit het ziekenhuis. Nadien mag u het ziekenhuis verlaten. Na het onderzoek, ongeacht sedatie of niet, moet u nog 30 minuten wachten met eten of drinken. Dit omdat de keel verdoofd is en slikken hierdoor bemoeilijkt wordt.

Wanneer het onderzoek heeft plaatsgevonden onder lichte of diepere sedatie kunnen uw reflexen door de medicatie reflexen nog vertraagd zijn. Hierdoor mag u het ziekenhuis alleen met begeleiding verlaten. U mag de rest van de dag geen voertuigen besturen.

Nevenwerkingen

Het is mogelijk dat u één of meerdere nevenwerkingen ervaart zoals

  • Keelpijn
  • Opboeren
  • Slaperigheid, duizeligheid of hoofdpijn in geval sedatie.

Dit zijn gekende gevolgen van het onderzoek en zijn van voorbijgaande aard.

Indien deze klachten blijven aanhouden of in geval van hevige pijn, bloedingsverschijnselen of koorts, gelieve dan contact op te nemen met uw arts of huisarts.

< Terug